top of page
ChatGPT Image May 6, 2026, 02_12_28 PM.png

MEERTALIGE TOS-DIAGNOSTIEK

Degerlendirme terapi

Onderzoek, Behandeling en Advies aan Scholen en Instellingen

Bij EserLogopedie kunnen kinderen die opgroeien met het Turks en Nederlands worden onderzocht wanneer er sprake is van een vermoeden van een Taalontwikkelingsstoornis (TOS/DLD). Het onderzoek wordt in eerste instantie uitgevoerd in de sterkste taal van het kind. Indien nodig worden beide talen uitgebreid beoordeeld.


Op basis van de bevindingen worden diagnostiek, behandeling, verslaglegging en klinisch advies aangeboden.


Daarnaast wordt klinisch advies gegeven aan ouders, scholen en andere betrokken instellingen. Hierbij worden de onderzoeksresultaten, eventuele verwijzingen, ondersteuningsbehoeften, onderwijsaanpassingen en vervolgstappen besproken en toegelicht op basis van wetenschappelijke inzichten en professionele richtlijnen.


Het doel is om natuurlijke verschillen die samenhangen met meertaligheid te onderscheiden van daadwerkelijke taalontwikkelingsproblemen. Daarom wordt tijdens het onderzoek niet uitsluitend gekeken naar testresultaten, maar ook naar de communicatieve vaardigheden van het kind in alle talen, de taalachtergrond, het dagelijks functioneren, de onderwijscontext en observaties van ouders en andere betrokkenen.

Ana Dilde Degerlendirme

Onderzoek En Behandeling in De Moedertaal of Sterkste Taal

Wanneer is onderzoek of behandeling in het Turks noodzakelijk?


✓ Wanneer Turks de sterkste of voorkeurstaal van het kind is (op het gebied van taalbegrip en/of taalproductie);
✓ Wanneer er sprake is van een vermoeden van TOS in het Turks en/of Nederlands en het kind daarnaast wordt blootgesteld aan één of meer andere talen;
✓ Wanneer één of beide ouders uitsluitend Turks spreken en onvoldoende Nederlands beheersen;
✓ Wanneer er behoefte is aan ondersteuning bij de Turkse taalontwikkeling (begrip en/of taalproductie) of de spraakontwikkeling (fonologische problemen of verminderde verstaanbaarheid).


Ook Turkssprekende gezinnen met een Bulgaarse, Azerbeidzjaanse, Kazachse, Oezbeekse of Koerdische achtergrond kunnen zich aanmelden voor onderzoek in het Turks als moedertaal. Omdat het gebruik van het Turks binnen deze groepen bepaalde variaties kan vertonen, is het belangrijk dat kinderen zorgvuldig worden onderzocht door een meertalige logopedist die bekend is met deze taal- en cultuurverschillen.


Waarom onderzoek en behandeling in het Turks (de moedertaal)?

Onderzoek en richtlijnen van deskundige organisaties, waaronder de American Speech-Language- Hearing Association (ASHA), benadrukken het belang van onderzoek en behandeling in de dominant  taal van kinderen met spraak- en taalproblemen.

1. Nauwkeurigere diagnostiek en effectievere behandeling

Onderzoek en behandeling in de dominante taal zorgen ervoor dat spraak- en taalproblemen beter kunnen worden vastgesteld en begrepen.

 

Kinderen kunnen zich in hun sterkste taal doorgaans gemakkelijker uitdrukken, waardoor de logopedist een nauwkeuriger beeld krijgt van hun mogelijkheden en ondersteuningsbehoeften. Wanneer onderzoek of behandeling plaatsvindt in een taal die het kind onvoldoende beheerst, kan dit leiden tot misverstanden of een onjuiste interpretatie van de resultaten.

2. Culturele aansluiting en betekenisvolle communicatie

Taal is nauw verbonden met cultuur. Behandeling in de moedertaal maakt het mogelijk om ook de culturele achtergrond van het kind en het gezin mee te nemen in het behandelproces. Hierdoor sluit de ondersteuning beter aan bij de leefwereld van het kind en wordt deze vaak als natuurlijker en betekenisvoller ervaren.


Daarnaast draagt communicatie in de eigen taal bij aan een goede samenwerking en vertrouwensrelatie tussen ouders en behandelaar.

3. Meer motivatie en actieve deelname

Kinderen nemen doorgaans actiever deel aan onderzoek en behandeling wanneer zij zich kunnen uitdrukken in een taal waarin zij zich comfortabel voelen. Dit bevordert de motivatie en ondersteunt het leerproces.

4. Een sterke basis voor de ontwikkeling van andere talen

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat een sterke ontwikkeling van de eerste taal een positieve invloed kan hebben op het leren van andere talen.

Vaardigheden die in de moedertaal worden ontwikkeld, kunnen vaak worden overgedragen naar een tweede taal. Het ondersteunen van de moedertaal kan daarom ook bijdragen aan de verdere ontwikkeling van het Nederlands.

2025 Guncellenmis Tos

Zorg volgens de herziene Richtlijn TOS 2025

Bij een vermoeden van een taalontwikkelingsstoornis (TOS) werk ik volgens de landelijke, herziene Richtlijn TOS 2025. Dit betekent dat diagnostiek, behandeling en evaluatie zorgvuldig, onderbouwden persoonsgericht worden uitgevoerd.

Zorgvuldige diagnostiek en klinisch redeneren


Een diagnose wordt nooit op basis van één test gesteld. Ik combineer:
● Gevalideerde tests met betrouwbare normen
● Observaties en spontane taal

● De hulpvraag van ouders en kind
● De impact op dagelijks functioneren en participatie (ICF)


TOS wordt overwogen wanneer er sprake is van aanhoudende taalproblemen met beperkingen in activiteiten en participatie, zonder spontaan herstel. Mogelijke andere verklaringen, zoals gehoorproblemen of cognitieve factoren, worden zorgvuldig meegenomen in de beoordeling.
 

Bij meertalige kinderen worden alle relevante talen (Turks en Nederlands) in kaart gebracht. Signalering en onderzoek vinden eerst plaats in de best beheerste taal, aangevuld met taalonafhankelijke (Litmus-Tr + NL) instrumenten wanneer nodig.

Participatie staat centraal


Taal gaat niet alleen over scores, maar over meedoen. Daarom breng ik naast de taaldomeinen altijd communicatieve participatie en kwaliteit van leven in beeld. Het doel is dat een kind zich verstaanbaar kan uitdrukken, begrepen wordt en met vertrouwen kan deelnemen aan school en sociale situaties.

Behandeling op maat


De behandeling is:


● Persoons/kindgericht
● Oudergericht
● Doelgericht


In overleg kiezen we voor directe therapie, ouder-kind interactietherapie of een combinatie hiervan. Bij kinderen ouder dan 7 jaar wordt impliciete taalstimulering gecombineerd met expliciete aandacht voor zinsopbouw en morfo-syntaxis, zoals aanbevolen in de richtlijn De gebruikelijke frequentie is één keer per week 20–30 minuten. Intensiteit en duur worden afgestemd op de individuele doelen en systematisch geëvalueerd.

Stop- en vervolgbeleid


Therapie wordt regelmatig geëvalueerd en altijd in overleg met ouders afgestemd. Daarbij kijken we naar:
● Ernst van de taalproblemen
● Behaalde doelen
● Impact op participatie
● Wensen van kind en ouders
● Verwachte meerwaarde van verdere behandeling

Na ongeveer 3 maanden behandeling evalueer ik of logopedie als enige interventie voldoende is. Wanneer de vooruitgang beperkt blijft of de problematiek breder blijkt, bespreek ik met ouders o een multidisciplinaire assessment wenselijk is. Dit kan nodig zijn om het kind verder te ondersteunen binnen het onderwijs of om tijdig aanvullende begeleiding in te zetten. Bij kinderen jonger dan 4 jaar is vroege samenwerking met andere disciplines extra belangrijk, zodat preventief kan worden gehandeld vóór de start van de basisschool en verdere problemen in schoolse taal en participatie zoveel mogelijk worden voorkomen.


Na 6 maanden volgt een uitgebreidere evaluatie. Op basis van behandelrespons en voortgang besluiten we samen of de therapie wordt voortgezet, aangepast of afgerond. Ik werk doelgericht en tijdsbewust. Een kind wordt niet onnodig langdurig behandeld wanneer de meerwaarde ontbreekt. Tegelijkertijd vind ik het belangrijk dat logopedische zorg toegankelijk blijft voor kinderen die nog geen ondersteuning ontvangen vanuit school of andere disciplines. Wanneer een kind onderwijs volgt binnen het speciaal (basis)onderwijs, zoals SBO of SO, wordt een deel van de taalondersteuning in principe binnen de school georganiseerd. In dat geval beoordeel ik zorgvuldig of aanvullende logopedische behandeling noodzakelijk is. Indien de ondersteuning binnen school toereikend is, wordt onnodige dubbele behandeling vermeden. Dit voorkomt overbelasting van het kind en het gezin, en zorgt ervoor dat beschikbare logopedische zorg bereikbaar blijft voor kinderen die helemaal geen ondersteuning krijgen.

 

Wanneer extra individuele logopedie wél meerwaarde heeft, stem ik mijn begeleiding hierop af zodat zorg en onderwijs elkaar versterken.

 

De informatie op deze pagina is opgesteld op basis van de NVLF-richtlijn Taalontwikkelingsstoornis
(TOS) 2025 en recente wetenschappelijke inzichten.

Multidisipliner is

Multidisciplinaire samenwerking

Bij (mogelijke) complexe of ernstige taalproblematiek werk ik nauw samen met het Audiologisch Centrum (AC), waaronder instellingen zoals Kentalis, NSDSK en het Amsterdam UMC (AMC). Wanneer een multidisciplinaire beoordeling nodig is, zorg ik voor een zorgvuldige overdracht. In veel gevallen is het niet noodzakelijk om het volledige taalonderzoek opnieuw af te nemen binnen het AC. Omdat ik beide (Turks en Nederlands) talen direct kan onderzoeken bij meertalige kinderen, voer ik een uitgebreid taalonderzoek uit, stel een onderbouwd verslag op en formuleer een duidelijke conclusie en advies. Dit wordt gedeeld met het AC als onderdeel van het multidisciplinaire traject. Ik blijf, waar passend, betrokken bij de verdere begeleiding en zorg voor afstemming tussen ouders, school en betrokken professionals.

Multidisciplinaire diagnostiek via het Audiologisch Centrum (AC)

Wanneer er sprake is van ernstige of persisterende taalproblemen, of wanneer de ontwikkeling op meerdere gebieden zorgen oproept, kan een multidisciplinair onderzoek bij een Audiologisch entrum (AC) aangewezen zijn.

Voor kinderen jonger dan 4 jaar wordt bij een vermoeden van TOS altijd multidisciplinaire diagnostiek overwogen. Ook bij oudere kinderen met ernstige taalachterstand of meervoudige problematiek kan verwijzing naar het AC passend zijn, conform de richtlijn.

Binnen het AC wordt het kind breder onderzocht door verschillende disciplines zoals een logopedist, psycholoog, klinisch linguïst, orthopedagoog en audioloog. Indien nodig wordt hierbij gewerkt met een professionele tolk. De tolk ondersteunt zowel ouders tijdens gesprekken als het kind tijdens onderdelen van het onderzoek, zodat informatie zorgvuldig wordt begrepen en het onderzoek zo betrouwbaar mogelijk kan worden uitgevoerd.


Daarbij wordt gekeken naar:

● Taalbegrip en taalproductie (meestal reeds onderzocht door mij)
● Cognitieve ontwikkeling
● Gehoor
● Communicatief functioneren
● Bredere ontwikkelingsfactoren

Deze integrale benadering is belangrijk om zorgvuldig te beoordelen of er sprake is van een taalontwikkelingsstoornis (TOS) en om te bepalen welke ondersteuning het meest passend is. Het doel is daarbij niet om een kind te labelen, maar om goed te begrijpen wat het nodig heeft om zich optimaal te kunnen ontwikkelen. Zo kan worden voorkomen dat het kind in de toekomst onnodige belemmeringen ervaart op academisch niveau – bijvoorbeeld door onder zijn of haar cognitieve mogelijkheden te presteren – en op sociaal-emotioneel vlak.

Op basis van alle onderzoeksgegevens wordt samen bekeken welke ondersteuning het beste past bij het kind. Dit kan betekenen dat de logopedische behandeling wordt voortgezet of aangepast, dat er extra begeleiding nodig is of dat aanvullend onderzoek wordt gedaan. Indien er sprake is van een (vermoeden van) taalontwikkelingsstoornis (TOS), kan worden geadviseerd om extra ondersteuning of aanpassingen binnen de huidige school in te zetten, of – wanneer nodig – begeleiding binne gespecialiseerd onderwijs.

Deze adviezen zijn gericht op het optimaal ondersteunen van het kind in taalontwikkeling, participatie en onderwijs. Ik begeleid ouders in dit traject, zorg voor een zorgvuldige overdracht en blijf betrokken bij de verdere behandeling indien dat passend is.


De informatie op deze pagina is opgesteld op basis van de NVLF-richtlijn Taalontwikkelingsstoornis
(TOS) 2025 en recente wetenschappelijke inzichten.

Laten we samenwerken om de communicatieve vaardigheden van uw kind te ondersteunen.

bottom of page